vGKN: ‘Terughoudend bij kerkelijke eenwording’

Openingszitting van de vGKN-synode van Boelenslaan 2026-2027.

De jongste synode 2026-2027 van de voortgezette Gereformeerde Kerken in Nederland (vGKN), waarvan de openingszitting op zaterdag 11 april 2026 in het Friese Boelenslaan gehouden werd, kan worden omschreven als een samenkomst waarin zowel bezinning als het zich richten op de toekomst een belangrijke plaats innamen.

Het logo van de vGKN.

Het kerkverband van de ‘voortgezette Gereformeerde Kerken’ dat in 2004 ontstond, bestaat momenteel uit vijf voormalige Gereformeerde Kerken (GKN) die niet meegingen met het samengaan van De Gereformeerde Kerken in Nederland, de Nederlandse Hervormde Kerk en de Evangelisch-Lutherse Kerk in het Koninkrijk der Nederlanden; waaruit de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) voortkwam.

Die ontstaansgeschiedenis geeft de bijeenkomst een serieuze toon, terwijl er tegelijk ook dankbaarheid klinkt dat de vGKN, ondanks hun beperkte omvang, blijven bestaan.

Deze combinatie van dankbaarheid en kwetsbaarheid is typerend. Aan de ene kant is er waardering voor wat in de afgelopen jaren is ontvangen en opgebouwd. Aan de andere kant is er een realistisch besef van de kleinschaligheid van het kerkverband en de uitdagingen die dat met zich meebrengt binnen een veranderende kerkelijke omgeving.

Toekomstige koers.

De agenda van de openingszitting van de synode telde ook nu weer een groot aantal te bespreken onderwerpen. Ook de oecumene kwam uitgebreid aan de orde.

Daarmee in verband hield de synode zich nadrukkelijk bezig met vragen rond de eigen identiteit en de toekomstige koers. Wat houdt het in om in deze tijd gereformeerd te zijn? En op welke manier kan die overtuiging worden doorgegeven aan volgende generaties? In deze bezinning staat de verbondenheid aan Schrift en belijdenis centraal, terwijl men zich tegelijk bewust is van bredere ontwikkelingen binnen kerk en samenleving.

De openingszitting van de synode 2026-2027 van de vGKN werd gehouden in het Witte Kerkje aan de Boelenswei in het Friese Boelenslaan.

Die houding is ook zichtbaar in de genomen besluiten. Zo is besloten om de relaties met andere gereformeerde kerken, in het bijzonder de Nederlandse Gereformeerde Kerken (voortgekomen uit de Vrijmaking van 1944), niet alleen voort te zetten maar ook te versterken. Tegelijk blijft men echter terughoudend als het gaat om een snelle kerkelijke eenwording; de onderlinge verschillen worden daarvoor nog te groot geacht.

Wel is er de wens om het inhoudelijke gesprek te verdiepen. Ook gevoelige en complexe onderwerpen wil men daarbij niet uit de weg gaan, maar juist open bespreken. Daarmee kiest de synode voor een koers waarin enerzijds wordt vastgehouden aan de eigen overtuigingen en anderzijds ruimte wordt geboden voor ontmoeting en dialoog.

De verdere uitwerking van deze lijn wordt toevertrouwd aan afgevaardigden die de onderlinge contacten moeten uitbouwen en de gesprekken voorbereiden. Zoals vaker bij dit soort kerkelijke bijeenkomsten ligt de nadruk daarmee niet alleen op concrete besluiten, maar ook op het uitzetten van lijnen voor de toekomst.

Verder passeerden uiteenlopende praktische onderwerpen de revue. Zo werd aandacht besteed aan de vorming van ambtsdragers, de betrokkenheid van jongeren en de wijze waarop gemeenten invulling geven aan hun opdracht richting de samenleving. Besluiten die hierover zijn genomen, moeten bijdragen aan verdere ontwikkeling en samenhang binnen het kerkverband.

Als conclusie van de synodezitting kan gesteld worden dat de vGKN  voorzichtig en weloverwogen te werk gaat. Grote veranderingen blijven vooralsnog uit, maar er is wel degelijk sprake van beweging: een zoeken naar richting, naar trouw en naar verbondenheid. In een sobere en beschouwende sfeer probeert de vGKN zo haar plaats te vinden in het hedendaagse kerkelijke landschap.

  • Binnenkort komen we op deze synodezitting terug.

Translation into English:

vGKN: movement, but no major change.

The most recent synod (2026–2027) of the Continued ‘Gereformeerde’ Churches in the Netherlands (vGKN), whose opening session was held on Saturday, April 11, 2026, in the Frisian village of Boelenslaan, can be described as a gathering in which both reflection and a focus on the future occupied an important place.

The federation of churches known as the “Continued ‘Gereformeerde’ Churches,” which was established in 2004, currently consists of five former ‘Gereformeerde’ Churches in the Netherlands (GKN) that did not join the merger of the ‘Gereformeerde’ Churches in the Netherlands, the’Hervormde’ Church, and the Evangelical Lutheran Church in the Kingdom of the Netherlands, from which the Protestant Church in the Netherlands (PKN) emerged.

This historical background gives the meeting a serious tone, while at the same time there is also a sense of gratitude that the vGKN, despite its limited size, continues to exist.

This combination of gratitude and vulnerability is characteristic. On the one hand, there is appreciation for what has been received and built up over the past years. On the other hand, there is a realistic awareness of the small scale of the church federation and the challenges that this brings within a changing ecclesiastical environment.

Future direction

In addition, the synod is explicitly concerned with questions regarding its own identity and future direction. What does it mean to be ‘gereformeerd’ in this day and age? And in what way can that conviction be passed on to future generations? In this reflection, commitment to Scripture and confession is central, while at the same time there is an awareness of broader developments within church and society.

This attitude is also visible in the decisions that were taken. For example, it was decided not only to continue but also to strengthen relations with other ‘Gereformeerde’ churches, in particular the Netherlands ‘Gereformeerde’ Churches (originating from the ‘Church Liberation of 1944’). At the same time, however, there remains caution when it comes to rapid church unification; the mutual differences are still considered too significant for that.

There is, however, a desire to deepen substantive dialogue. Sensitive and complex topics are not to be avoided, but rather discussed openly. In this way, the synod chooses a course in which, on the one hand, it holds firmly to its own convictions, while on the other hand it provides space for encounter and dialogue.

The further elaboration of this approach is entrusted to delegates who are tasked with developing mutual contacts and preparing the discussions. As is often the case with such ecclesiastical gatherings, the emphasis therefore lies not only on concrete decisions, but also on setting directions for the future.

Various practical matters were also addressed. Attention was given to the training of office-bearers, the involvement of young people, and the way in which congregations give shape to their mission toward society. The decisions taken in these areas are intended to contribute to further development and cohesion within the church federation.

In conclusion, it can be said that the vGKN proceeds cautiously and thoughtfully. Major changes have not yet materialized, but there is certainly movement: a search for direction, for faithfulness, and for connectedness. In a sober and reflective atmosphere, the vGKN thus seeks to find its place in the contemporary ecclesiastical landscape.

  • We will return to this in more detail at this synod session soon.