Ziekenhuisfunctie VUmc verdwijnt in 2040

Met het besluit om de ziekenhuiszorg van het VUmc uiterlijk rond 2040 volledig over te brengen naar de AMC-locatie in Amsterdam-Zuidoost komt een einde aan een bijzonder hoofdstuk uit de Nederlandse academische en kerkelijke geschiedenis.

Het gebouw van de Medische Faculteit van de VU in 1966 (foto: ‘Historisch Documentatie Centrum’ van de VU).

Wat begon als een gereformeerd ideaal, gedragen door duizenden gezinnen die jarenlang spaarden voor hun universiteit, maakt plaats voor een nieuwe fase van concentratie en schaalvergroting binnen Amsterdam UMC.

De plannen zijn onderdeel van de verdere integratie van het voormalige Academisch Medisch Centrum (AMC) en het VU medisch centrum (VUmc), die sinds 2018 samen één organisatie vormen. Volgens Amsterdam UMC is het op termijn niet langer doelmatig om twee volledige academische ziekenhuizen in stand te houden. De patiëntenzorg wordt daarom geconcentreerd op de AMC-campus in Amsterdam-Zuidoost. Op de VU-campus blijven onderwijs, onderzoek en medische opleidingen wel aanwezig.

Voor velen markeert het besluit meer dan een organisatorische herschikking. Het betekent ook het afscheid van een instelling die haar wortels heeft in een tijd waarin Nederlandse gereformeerden hun eigen maatschappelijke organisaties opbouwden.

Een gereformeerde droom.

De geschiedenis van het VUmc begint feitelijk bij de oprichting van de Vrije Universiteit in 1880. Onder leiding van de gereformeerde voorman dr. Abraham Kuyper (1837-1920) ontstond een universiteit die onafhankelijk wilde zijn van overheid en kerkelijke hiërarchie en die wetenschap wilde bedrijven vanuit een christelijke levensovertuiging.

Abraham Kuyper (1837-1920), stichter van de Vrije Universiteit en bepleiter van een eigen, christelijke medische faculteit.

Hoewel de universiteit al vroeg een medische faculteit ambieerde, ontbrak lange tijd een eigen academisch ziekenhuis. Binnen gereformeerde kring groeide het besef dat een volwaardige artsenopleiding niet zonder eigen klinische voorzieningen kon. Een universitair ziekenhuis werd een gekoesterde wens, maar ook een kostbaar project dat de financiële draagkracht van de jonge universiteit ver te boven leek te gaan.

Spaarbusjes op de schoorsteenmantel.

De weg naar een eigen ziekenhuis werd geplaveid door een indrukwekkende mobilisatie van de gereformeerde achterban. In kerken werden collectes gehouden, plaatselijke comités organiseerden acties en door het hele land werden fondsen geworven.

Een bijzonder symbool van die betrokkenheid waren de VU-spaarbusjes die in duizenden gereformeerde gezinnen een vaste plaats kregen. Ze stonden op schoorsteenmantels, in huiskamers en op dressoirs. Kinderen stopten er hun zakgeld in, ouders hun kleingeld of een deel van het huishoudgeld. De kleine bijdragen werden periodiek ingezameld en afgedragen aan de universiteit.

Voor veel gezinnen was het VU-busje een tastbare herinnering aan hun verbondenheid met de Vrije Universiteit. De opbouw van de universiteit werd gezien als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de gereformeerde gemeenschap. Dat gevoel van eigenaarschap reikte verder dan alleen onderwijs of wetenschap; het omvatte uiteindelijk ook de droom van een eigen academisch ziekenhuis.

Voor de oprichting van de Medische Faculteit van de VU stond bij veel gereformeerden een collectebusje op de schoorsteenmantel.

De vele kleine bijdragen groeiden uit tot een financiële basis waarop nieuwe gebouwen, leerstoelen en medische voorzieningen konden worden gerealiseerd. Het toekomstige ziekenhuis werd daarmee niet alleen een instelling voor patiëntenzorg, maar ook een monument van collectieve betrokkenheid.

Bekroning van een lange strijd.

Toen de medische faculteit en het academisch ziekenhuis uiteindelijk tot volle ontwikkeling kwamen, werd dat door velen ervaren als de bekroning van tientallen jaren van inspanning. Wat ooit begon als een ambitieus ideaal van een relatief kleine geloofsgemeenschap, groeide uit tot een internationaal gerespecteerd universitair medisch centrum.

Generaties studenten werden er opgeleid, onderzoekers verrichtten er baanbrekend werk en honderdduizenden patiënten vonden er behandeling. Het ziekenhuis ontwikkelde zich tot een van de bekendste medische instellingen van Nederland.

Nieuwe tijd.

Met de voorgenomen beëindiging van de ziekenhuisfunctie op de VU-campus verandert opnieuw het landschap van de academische geneeskunde. Waar het VUmc ooit ontstond vanuit een eigen identiteit en achterban, staan tegenwoordig samenwerking, specialisatie en schaalvergroting centraal.

De gebouwen aan de De Boelelaan zullen niet verdwijnen. Onderwijs, onderzoek en wetenschappelijke activiteiten blijven er een belangrijke plaats innemen. Toch zal voor veel oud-medewerkers, alumni en betrokkenen bij de Vrije Universiteit het verdwijnen van de ziekenhuisfunctie voelen als het einde van een tijdperk.

Fusie… (foto: Folia).

Een tijdperk dat ooit begon met een droom van Abraham Kuyper en dat mede mogelijk werd gemaakt door de centen die generaties gereformeerde gezinnen in hun spaarbusjes stopten. De zorg verhuist straks naar Amsterdam-Zuidoost, maar de geschiedenis van het VUmc blijft onlosmakelijk verbonden met die bijzondere traditie van gemeenschapszin, idealisme en volharding.

  • Een zeer interessante en diepgravende studie over het tot stand komen van het VUmc is: Van genezen in geloof tot geloof in genezen. De medische faculteit van de Vrije Universiteit (1880-2000), door Leo van Bergen. Diemen, 2005. 840 pagina’s, geïllustreerd.

Translation into English:

VUmc Hospital Function to Disappear by 2040.

With the decision to transfer all hospital care from VUmc to the AMC location in Amsterdam-Zuidoost by around 2040 at the latest, a remarkable chapter in Dutch academic and religious history is coming to an end.

What began as a ‘gereformeerd’ ideal, supported by thousands of families who saved for years to help build their university, is making way for a new phase of concentration and large-scale integration within Amsterdam UMC.

The plans are part of the ongoing integration of the former Academic Medical Center (AMC) and VU University Medical Center (VUmc), which have formed a single organization since 2018. According to Amsterdam UMC, maintaining two fully-fledged academic hospitals is no longer efficient in the long term. Patient care will therefore be concentrated on the AMC campus in Amsterdam-Zuidoost. Education, research, and medical training will remain present on the VU campus.

For many, the decision marks more than an organizational restructuring. It also signifies the farewell to an institution whose roots lie in a period when ‘gereformeerde’ congregations were building their own social organizations.

A ‘Gereformeerde’ Dream.

The history of VUmc effectively begins with the founding of the Vrije Universiteit (Free University) in 1880. Under the leadership of the ‘gereformeerde’ statesman Abraham Kuyper, a university was established that sought independence from both government control and ecclesiastical hierarchy, while pursuing scholarship grounded in a Christian worldview.

Although the university aspired from an early stage to have a medical faculty, it lacked its own academic hospital for a long time. Within ‘gereformeerde’ circles, awareness grew that a complete medical education could not exist without dedicated clinical facilities. A university hospital became a cherished ambition, but also an expensive project that appeared to be far beyond the financial means of the young university.

Savings Banks on the Mantelpiece.

The path toward establishing its own hospital was paved through an impressive mobilization of the ‘Gereformeerde’ community. Collections were held in churches, local committees organized fundraising campaigns, and funds were raised throughout the country.

A particularly striking symbol of this involvement was the VU savings box, which found a permanent place in thousands of ‘gereformeerde’ households. They stood on mantelpieces, in living rooms, and on sideboards. Children put their pocket money into them, while parents contributed loose change or part of the household budget. The small contributions were periodically collected and donated to the university.

For many families, the VU collection box served as a tangible reminder of their connection to the Free University. The development of the university was regarded as a shared responsibility of the ‘Gereformeerde’ community. This sense of ownership extended beyond education and scholarship; it eventually encompassed the dream of having their own academic hospital as well.

The many small contributions grew into a financial foundation on which new buildings, endowed professorships, and medical facilities could be realized. In this way, the future hospital became not only an institution for patient care, but also a monument to collective commitment.

The Culmination of a Long Struggle.

When the medical faculty and academic hospital finally reached full maturity, many regarded it as the crowning achievement of decades of effort. What had once begun as an ambitious ideal of a relatively small faith community grew into an internationally respected university medical center.

Generations of students were educated there, researchers carried out groundbreaking work, and hundreds of thousands of patients received treatment. The hospital developed into one of the best-known medical institutions in the Netherlands.

A New Era.

With the planned termination of hospital services on the VU campus, the landscape of academic medicine is once again changing. Whereas VUmc originally emerged from a distinct identity and community of supporters, today’s priorities are collaboration, specialization, and economies of scale.

The buildings on De Boelelaan will not disappear. Education, research, and scientific activities will continue to occupy an important place there. Nevertheless, for many former employees, alumni, and people connected to the Free University, the disappearance of the hospital function will feel like the end of an era.

An era that once began with a dream of Abraham Kuyper and was made possible in part by the coins that generations of ‘gereformeerde’ families dropped into their savings boxes. Patient care will soon move to Amsterdam-Zuidoost, but the history of VUmc will remain inseparably linked to that remarkable tradition of community spirit, idealism, and perseverance.

  • A highly interesting and in-depth study on the establishment and development of VUmc is:

From Healing Through Faith to Faith in Healing: The Medical Faculty of the Vrije Universiteit (1880–2000), by Leo van Bergen. Published in Diemen, 2005. 840 pages, illustrated.