Door drs. A.O. van der Velde.
Waarom ontstond in het Zuid-Hollandse Poortugaal pas zo laat, op 24 juni 1888 vanuit de Doleantie, een Gereformeerde Kerk?

Poortugaal en omgeving.
In die regio waren namelijk al veel eerder Gemeenten ontstaan, niet vanuit de Doleantie, maar uit de Afscheiding van 1834. De eerste was die van Schiedam (in november 1835). Uit deze Schiedamse gemeente kwamen onder meer voort: Pernis (hoogstwaarschijnlijk eind 1842), Rhoon (in 1873), en als hekkensluiter Poortugaal in 1888, en deze niet vanuit de Afscheiding van 1834, maar uit de Doleantie van 1886.
Er woonden al lang wél Afgescheidenen….
Dat in Poortugaal niet eerder een Gereformeerde Kerk is ontstaan wil niet zeggen dat de Afscheiding van 1834 er geen sympathisanten had, in tegendeel. In juli 1840 bijvoorbeeld leidde ds. A. Brummelkamp (1811-1888) van 1839 tot 1843 Afgescheiden predikant van Schiedam, een dienst in de schuur van de boerderij van Cornelis Langstraat. Over deze dienst schrijft Hendrik Johsz. Vermaat in zijn kronieken het volgende gedicht:

“Daar Kwam een Predikant Zijn Naam was Breukelekam
Die in een boere Woning En dat zijn intrek Nam.
Daar Kwam een Aantal Menschen van hier en Elders voort
En Wenscht van hem te horen het Evangelie Woord.
Daar Was een Gansche schaar Die Weende en die schreyde.
Hun Leerraar zoo gy Weet Dat Was een Afgescheyde.
Zyn onderwerp ook daar hij hem by bepaalde
Was Psalm 73 Daar hij dees Woorden haalde
De Woorden van zyn Tekst Die waren op dit Pas
Hoe Arap in tijd Nabij den HEEREN Was.”
Naar Amerika…
In april 1847 vertrokken twee ongetrouwde jongemannen, familie van elkaar, van Poortugaal naar Amerika. Na betaling van een gulden waren Hendrik Langstraat (14-11-1818) en Gerrit Visser (01-07-1817) lid geworden van ‘De Veereniging tot landverhuizing naar Noord-Amerika’, en na betaling van de overtocht konden ze aansluiten bij de groep van ds. H.P. Scholte (1805-1868), en emigreerden ze. Eind augustus 1847 bereikte de groep Pella in Iowa (link).

In de jaren 1848/1849 emigreerde een relatief grote groep Poortugalers van ten minste 31 Afgescheidenen of sympathisanten (inclusief kinderen) rond boer Cornelis Langstraat naar Iowa. Hendrik en Gerrit waren in 1847 kennelijk vooruitgestuurd. Een tweede groep rond Arie van Bree ging naar Michigan (link)
Emigratie de oorzaak?
Was de emigratie van een relatief grote groep potentiële leden van een Afgescheiden Gemeente in Poortugaal er de oorzaak van dat in dat dorp geen Christelijke Afgescheidene Gemeente geïnstitueerd werd?
Het eerste hoofdstuk van het boek Levensritselingen, over de geschiedenis van de Gereformeerde Kerk te Poortugaal, beschrijft de periode tussen de emigratie (1847/1849) en de Doleantie (1886). Dat eerste hoofdstuk gaat over een groepje van vijf Afgescheiden gezinnen uit Poortugaal dat veel in Pernis kerkte. Er waren in Poortugaal meer Christelijke Afgescheidenen, maar die worden niet genoemd; bij elkaar meer dan tien ‘gezinnen’.
Daarnaast waren er ook sympathisanten die Hervormd bleven en pas bij de Doleantie afscheid namen van de Hervormde Kerk. De Provinciale Almanak voor Zuid-Holland van 1903 meldt dat Poortugaal 1.109 inwoners telde, van wie 89 Christelijke Afgescheidenen. Dat zijn sinds 1892 gereformeerden: Christelijke Afgescheidenen en Dolerenden samen.
Translation into English:
Why did the church of Poortugaal come into existence so late?
By drs. A.O. van der Velde.
Why was it that in the South Holland village of Poortugaal a Reformed church was only established relatively late—on June 24, 1888—from the Doleantie?
Poortugaal and its surroundings.
In that region, congregations had already been founded much earlier—not from the Doleantie, but from the Secession of 1834. The first was that of Schiedam (in November 1835). From this Schiedam congregation came, among others: Pernis (most likely at the end of 1842), Rhoon (in 1873), and finally Poortugaal in 1888. However, this last one did not originate from the Secession of 1834, but from the Doleantie of 1886.
There had long been Seceders living there…
The fact that a Reformed Church did not arise earlier in Poortugaal does not mean that the Secession of 1834 had no supporters there—quite the contrary. For example, in July 1840, Rev. A. Brummelkamp (1811–1888), who served as a Seceding minister in Schiedam from 1839 to 1843, led a service in the barn of the farm of Cornelis Langstraat. Hendrik Johsz. Vermaat describes this service in his chronicles with the following poem:
“There came a preacher, his name was Breukelekam,
Who took up residence in a farmer’s dwelling.
There came a number of people from here and elsewhere,
Wishing to hear from him the Word of the Gospel.
There was a whole crowd who wept and cried.
Their teacher, as you know, was a Seceder.
His subject there, on which he dwelt,
Was Psalm 73, from which he drew these words:
The words of his text were as follows:
How Asaph in time came near unto the LORD.”
To America…
In April 1847, two unmarried young men, relatives of each other, left Poortugaal for America. After paying one guilder, Hendrik Langstraat (14 November 1818) and Gerrit Visser (1 July 1817) became members of the “Association for Emigration to North America.” After paying for the crossing, they were able to join the group of Rev. H.P. Scholte (1805–1868) and emigrated. At the end of August 1847, the group reached Pella in Iowa.
In the years 1848–1849, a relatively large group of Poortugaal inhabitants—at least 31 Seceders or sympathizers (including children)—emigrated to Iowa around the farmer Cornelis Langstraat. Hendrik and Gerrit had apparently been sent ahead in 1847. A second group, led by Arie van Bree, went to Michigan.
Emigration the cause?
Was the emigration of a relatively large group of potential members of a Seceding congregation in Poortugaal the reason why no Christian Seceded Congregation was established in the village?
The first chapter of the book Levensritselingen, about the history of the Reformed Church of Poortugaal, describes the period between the emigration (1847/1849) and the Doleantie (1886). This chapter deals with a small group of five Seceding families from Poortugaal who often attended church in Pernis. There were more Christian Seceders in Poortugaal, but they are not mentioned; in total, there were more than ten families.
In addition, there were also sympathizers who remained in the Dutch Reformed Church and only separated from it during the Doleantie. The Provincial Almanac for South Holland of 1903 reports that Poortugaal had 1,109 inhabitants, of whom 89 were Christian Seceders. Since 1892, these are counted as Reformed: Christian Seceders and Dolerenden together.