Herdenkingsdienst bij honderd jaar ‘Zuiderkerk’ te Drachten.
In de overvolle protestantse (voormalig gereformeerde) Zuiderkerk in Drachten werd op zondagochtend 12 oktober 2025 in een speciale jubileumdienst stilgestaan bij het honderdjarig bestaan van dit kerkgebouw, dat in 1925 als tweede Drachtster gereformeerde kerk in gebruik genomen werd. De voorganger in de dienst was ds. Sijbrand Alblas.

Net als de eerste vierendertig jaar van haar bestaan werd in de Zuiderkerk ook tijdens deze dienst de kerkzang begeleid door (een ensemble van) het in Drachten gerenommeerde muziekcorps Crescendo. Weliswaar zaten de blazers honderd jaar geleden op de galerij, maar die werd tijdens de jongste verbouwing weggehaald. Hoe dan ook: het orgel zweeg.

Ook werd medewerking verleend door een zanggroep van gemeenteleden. Vóor de dienst werd gezongen gezang 109, ‘Beveel gerust uw wegen al wat u ‘t harte deert’. Het intochtslied was psalm 150 de verzen 1 en 2: ‘Looft God, looft Hem overal’.

De predikant stond stil bij het nieuwe liturgisch centrum dat enkele dagen geleden in de kerk geplaatst werd en waarvoor de gemeente allerlei acties voerde om het benodigde geld bijeen te brengen. Ook stond de predikant stil bij een van de redenen van de langdurige afwezigheid van een orgel in de Zuiderkerk. Was er geen geld? Er was best wel een spaarpotje, maar destijds wilde de predikant liever een studeerkamer bij de (voor de kerk staande) pastorie; het orgel kon nog wel even wachten, vond hij.

In ieder geval werd de Zuiderkerk in 1925 in gebruik genomen met de woorden uit psalm 84: ‘Een dag in uwe voorhoven is beter dan duizend elders’ (de tekst op de gedenksteen).
De liederen en de lezing.
Behalve de eerdergenoemde liederen werden ook gezongen lied 705 (‘Ere zij aan God de Vader‘); lied 204 uit het Liedboek voor de Kerken (1973): ‘God is getrouw, Zijn plannen falen niet’; lied 791: ‘Liefde eenmaal uitgesproken (…)’. En als slotlied klonk lied 913, ‘Wat de toekomst brengen moge’. De lezing was uit Psalm 84, net als bij de ingebruikname van de kerk. De tekst werd gelezen uit de Statenvertaling die jarenlang op de kansel lag.

De kerkgangers vonden op hun stoel een papiertje met een pen, en werden verzocht hun wens of hun hoop voor deze kerk en deze gemeente op te schrijven. Bij de uitgang werden deze ingezameld. Een van de uitgesproken wensen was, dat de kerk in de toekomst vol zit met jonge gezinnen. Wat dat betreft was er een klein lichtpuntje: vorig jaar werd de kindernevendienst – na een tijd van afwezigheid – weer opgestart en tijdens deze jubileumdienst waren er maar liefst twaalf kinderen aanwezig. De kerkenraad had ook uitgezocht welk gemeentelid het langst bij de kerk van Drachten betrokken was. Het bleek mevrouw Krol te zijn, die weliswaar niet aanwezig kon zijn, maar wel al 97 jaar bij de kerk van Drachten hoorde!
De overdenking.
Uiteraard stond de predikant tijdens de overdenking stil bij het feit dat de Zuiderkerk in 1925 als tweede Drachtster gereformeerde kerk – naast de inmiddels reeds lang verdwenen Noorderkerk – in gebruik genomen werd. De predikant sprak woorden van de volgende strekking:

“Honderd jaar geleden begon het met Psalm 84: God is een toevluchtsoord voor wie Hem zoeken; voor hen zal een dal van dorheid veranderen in een oase. In honderd jaar kerkzijn maak je van alles mee. In deze kerk werd gerouwd, getrouwd, gedoopt, gefeest, gehuild; het was een plek waar veel vreugde is geweest, maar ook verdriet, het was een plaats waar ruzies waren, maar waar ook veel conflicten werden opgelost. Bovenal was deze kerk een plek, een gebouw, waar men zocht naar de liefde van God, naar kracht, sterkte, steun en naar nieuwe energie, met het verlangen naar ‘de tempel’ [van psalm 84], de plek waar men God vond, net als deze kerk ook een plek is waar mensen uitgetild worden boven het dagelijks leven. Dat verlangen stond ook aan de basis van de bouw van dit godshuis”.

“Er verscheen over deze kerk een mooi boekje, waarin ook het verhaal van Taetske Dijkstra verteld wordt. Ze werd verliefd op de zoon van de dominee, maar haar ouders verboden die omgang. Ze zei toen: ‘Als ik hem niet mag trouwen, dan trouw ik helemaal niet’. Ze leefde vervolgens 36 jaar als een kluizenaar, ze hield woord. Op het laatst zochten nog maar weinigen contact met haar, als ze al binnengelaten werden. Maar ze had in haar testament laten beschrijven dat ze haar nalatenschap van fl. 80.000, naliet aan de Gereformeerde Kerk (een kwart), en aan de diaconie en de twee christelijke scholen (driekwart)”.

“Haar familie had bezwaar tegen die nalatenschap aan kerk en school, omdat ze vonden dat Taetske ontoerekeningsvatbaar was; en al begonnen ze een rechtszaak, er kwam uiteindelijk een schikking en dat hielp mee om de tweede gereformeerde kerk te bouwen. De nalatenschap van Taetske stond aan de basis van de bouw van deze Zuiderkerk. Het is een bijzonder verhaal én een triest verhaal: Taetske was een vrouw die er niet meer bij hoorde. Maar juist haar leven heeft er aan bijgedragen dat wij vanmorgen hier bij elkaar kunnen zitten om het eeuwfeest te vieren. Haar erfenis leidde tot veel zegen. Iedereen mag er in deze kerk bij horen, hoe hij of zij ook is, met welke achtergrond ook. Om samen één gemeenschap te vormen”.

“In 1 Corinthe 13 gaat het uiteindelijk om geloof, hoop en liefde. Dat is telkens weer boven komen drijven. Dat staat ook verbeeld in de glas-in-loodramen. En op de torenspits vindt men drie ballen: geloof hoop en liefde. Het is het cement van onze gemeente!”
“De vraag is: hoe gaat het in de toekomst verder. De tijd is doorgegaan; er is veel gebeurd, ook in ons leven, ook in onze geloofsbeleving. Er zijn veel verschillen met vroeger, maar er is ook veel dat gelijk gebleven is. Veel mensen hebben behoefte aan een plek als deze, waar je je kunt bezinnen, waar je er bij hoort: “Eén dag in uw voorhoven is beter dan duizend elders”. Jammer dat Taetske niet kon zien wat er van haar gift geworden is. Ook de Hoeksteen is dezelfde gebleven: Jezus als de Hoeksteen van de Kerk. Geloof, hoop en liefde blijven met ons verweven als gemeenschap. We kennen de toekomst niet, maar ook de komende honderd jaar blijft behoefte bestaan aan een plek als deze. Amen”.
Tenslotte.

De collectes werden gehouden met behulp van de lange collectestokken, zoals die vroeger vele jaren gebruikt werden, totdat de fantastische uitvinding van de doorgeefzakjes ingevoerd werd. En de kinderen van de kindernevendienst hadden een feestslinger van honderd vlaggetjes gemaakt om op te hangen in de kerkzaal, keurig in de kleuren van de kerk!
Het slotlied was lied 913, ‘Wat de toekomst brengen moge’.
Een beeldverslag van de dienst >
Translation into English:
Faith, Hope and Love: The Cement of Our Church.
Memorial Service for 100 Years of ‘Zuiderkerk’ in Drachten.
On the morning of Sunday, October 12, 2025, a special jubilee service was held in a packed Protestant (formerly ‘gereformeerde’) Zuiderkerk in Drachten, to commemorate the hundredth anniversary of this church building, which was first used in 1925 as the second ‘gereformeerde’ church in Drachten. The service was led by Rev. Sijbrand Alblas.
Just like during the first thirty-four years of its existence, the church singing during this service was accompanied by an ensemble from Drachten’s renowned music corps Crescendo. True, a hundred years ago the brass players sat in the gallery, but that was removed during the most recent renovation. In any case, the organ remained silent.
A singing group made up of congregation members also participated in the service. Before the service began, hymn 109 was sung: “Commit all your ways, all that grieves your heart”. The entrance hymn was Psalm 150, verses 1 and 2: “Praise God, praise Him everywhere.”
The minister reflected on the new liturgical center, which had been installed in the church just days earlier, and for which the congregation had organized various fundraising activities to collect the necessary funds. He also touched on one of the reasons why the church had been without an organ for such a long time. Was it due to lack of money? There was a savings fund, but the minister at the time preferred to build a study room onto the parsonage (which stands in front of the church); he felt the organ could wait a little longer.
In any case, the Zuiderkerk was inaugurated in 1925 with the words from Psalm 84: “One day in your courts is better than a thousand elsewhere” (this text appears on the memorial stone).
The Hymns and the Reading.
In addition to the previously mentioned hymns, the following were also sung:
-
Hymn 705: “Glory be to God the Father”
-
Hymn 204 from the 1973 Hymnal for the Churches: “God is faithful, His plans do not fail”
-
Hymn 791: “Love once spoken (…)”
-
And as the final hymn: Hymn 913, “What the future may bring”
The scripture reading was from Psalm 84, just as it was during the original dedication of the church. The text was read from the Statenvertaling (States Translation), which had lain on the pulpit for many years.
Churchgoers found a small slip of paper and a pen on their seat, and were invited to write down their wish or hope for this church and this congregation. These were collected at the exit. One of the expressed wishes was that in the future, the church would be full of young families. In that regard, there was a small ray of hope: last year the children’s service — after a period of absence — was restarted, and no fewer than twelve children were present during this jubilee service.
The church council had also investigated which member had been connected to the Drachten church the longest. It turned out to be Mrs. Krol, who could not attend but had nonetheless been affiliated with the church in Drachten for 97 years!
The Reflection.
Naturally, the minister reflected on the fact that the Zuiderkerk was inaugurated in 1925 as the second ‘gereformeerde’ church building in Drachten — alongside the now long-gone Noorderkerk. The minister spoke along the following lines:
“A hundred years ago it began with Psalm 84: God is a refuge for those who seek Him; for them, a valley of desolation becomes an oasis. In a hundred years of church life, you experience everything. In this church, there has been mourning, weddings, baptisms, celebrations, tears; it has been a place of great joy, but also sorrow, a place where there were conflicts, but also where many conflicts were resolved. Above all, this church was a place — a building — where people searched for the love of God, for strength, support, and new energy, with a longing for ‘the temple’ [from Psalm 84], the place where one finds God, just like this church is a place where people are lifted above daily life. That longing was also the foundation for the construction of this house of God.”
“A beautiful booklet was published about this church, which also tells the story of Taetske Dijkstra. She fell in love with the minister’s son, but her parents forbade the relationship. She then said: ‘If I can’t marry him, then I won’t marry at all.’ She lived the next 36 years as a recluse, and she kept her word. In the end, very few people had contact with her — if they were even let in. In her will, she had written that her estate of 80,000 guilders should be donated to the church (a quarter), and to the diaconate and the two Christian schools (three-quarters).”
“Her family objected to the bequest to church and school, arguing that Taetske was mentally unfit; they even started legal proceedings, but in the end there was a settlement — and that helped fund the building of the second ‘gereformeerde’ church building. Her legacy laid the foundation for the construction of this Zuiderkerk. It is a remarkable and also a sad story: Taetske was a woman who no longer belonged. But her life ultimately contributed to us being able to sit here this morning to celebrate this centennial. Her inheritance brought many blessings. In this church, everyone is welcome — no matter who they are or what background they come from — to form one community together.”
“In 1 Corinthians 13, it all comes down to faith, hope, and love. These always rise to the surface again. They are also depicted in the stained-glass windows. And on the church spire, you’ll find three spheres: faith, hope, and love. That is the cement of our community!”
“The question now is: what does the future hold? Time has passed, much has happened — in our lives, in our faith journeys. Many things are different now compared to the past, but much has also remained the same. Many people still long for a place like this, where you can reflect, where you belong: ‘One day in your courts is better than a thousand elsewhere.’ It’s a pity Taetske never got to see what became of her gift. The cornerstone also remains the same: Jesus as the cornerstone of the Church. Faith, hope, and love continue to be woven into our community. We do not know the future, but even in the coming hundred years, there will still be a need for a place like this. Amen.”
In Conclusion.
The offerings were collected using the long offering poles that were used for many years in the past, until the wonderful invention of the passing collection bags. And the children from the Sunday school had made a festive garland of a hundred flags to hang in the church hall — all neatly in the colors of the church!
The final hymn was again Hymn 913: “What the future may bring.”